Was de appels, verwijder het klokhuis en snijd ze in kleine stukjes. Voor zoete varianten is het aan te raden om ze te besprenkelen met citroensap, vervolgens met kaneel te bestrooien en te mengen.
Zet de oven aan en laat hem opwarmen tot 170–180 °C.
Klop de eieren en de suiker in een blender. Mix 7-8 minuten op maximale snelheid. Dit zorgt ervoor dat de charlotte luchtig wordt en voorkomt dat hij na het bakken inzakt.
Zet de mixer op een lage stand en voeg geleidelijk de bloem toe. Zeef de bloem eerst.
Stop pas met kloppen als er geen droog meel meer zichtbaar is.
Voeg appels toe aan het deeg.
Bekleed de zijkanten en de bodem van de bakvorm met bakpapier. Als het papier van goede kwaliteit is, hoeft u het niet in te vetten. Gebruik anders boter of plantaardige olie. Voor hogere baksels gebruikt u een bakvorm met een diameter van 20-20 cm.
Doe het deeg in de pan en verdeel de appels er gelijkmatig over.
Doe het deeg in een voorverwarmde oven en bak het ongeveer 40 minuten.
Controleer na de aangegeven tijd of de charlotte gaar is door er met een houten prikker in te prikken. Als er geen rauw deeg meer in zit, is de taart klaar.
Als de charlotte nog half rauw is, maar de bovenkant al mooi bruin is, moet je hem afdekken met aluminiumfolie.
Haal de taart uit de oven, laat hem afkoelen, snijd hem in stukken en serveer. Bestrooi de charlotte eventueel met poedersuiker.