Bereid de benodigde ingrediënten voor een normaal pannenkoekenbeslag voor.
Doe de suiker, het zout en de eieren in een diepe kom en klop ze met een garde.
Voeg de melk en plantaardige olie toe. Voeg geleidelijk de baksoda en bloem toe en meng het deeg goed.
Giet er dan het kokende water bij. De bloem moet beginnen te koken zodra je het kokende water toevoegt. Dit maakt de pannenkoeken elastisch.
Gebruik een pannenkoekenbakplaat om dunne pannenkoeken te bakken en bak ze aan beide kanten goudbruin. Keer ze om met een spatel.
Stapel de versgebakken pannenkoeken op elkaar en dek ze af om te voorkomen dat ze uitdrogen.
Bereid de vulling voor. Doe de boter en suiker in een hete koekenpan. Zodra de boter gesmolten is, roer je deze door de suiker.
Snijd de appels in blokjes. Verwijder eerst het klokhuis en de schil.
Doe de appelstukjes in een koekenpan en laat ze 10 minuten zachtjes koken. De stukjes zullen in die tijd slinken.
Voeg gemalen kaneel toe.
Week de rozijnen tien tot vijftien minuten in heet water. Hierdoor worden ze zachter. Roer dan de appels erdoor en laat nog twee minuten sudderen.
Leg de afgekoelde vulling op de pannenkoek en rol deze op tot een envelop of rol. Rol elke pannenkoek op deze manier op.
Bak de pannenkoekjes eventueel in een koekenpan met boter. Serveer warm. Serveer met zure room of bessentopping. Geniet van je thee!